Zwerfvuil
Uit de bij de oprichting van de BC gehouden enquête blijkt dat de buurtbewoners de verloedering van hun leefomgeving door zwerfvuil en vuilstort als het nummer 1 probleem zien. De gemeente stuurt regelmatig veegwagens en medewerkers met vuilgrijpers. Helaas ligt er de dag na een schoonmaakactie weer overal zwerfvuil. Het blijft dweilen met de kraan open. Het is triest en ontmoedigend.
Wat ligt er zoal op straat?
Het meeste straatvuil bestaat uit de verpakking van drankjes, zoals blikjes,
kunststof flesjes en kartonnen pakjes. Verder zie je verpakkingen van etenswaren, zoals van snoep, ijsjes, chips en fastfood,
pizzadozen, papier, al dan niet gebroken bierflesjes, plastic zakjes,
sigarettendoosjes, lege aanstekers, peuken en
onderdelen van fietsen.
Langs en in het water liggen veel plastic zakjes,
overgebleven na het eendjes voeren. Plastic breekt niet af en het levert ook
gevaar op voor de dieren.

Wat zijn de oorzaken?
De belangrijkste oorzaak is het nonchalante en asociale gedrag van enkele
buurtbewoners. Iets ontbrak in hun opvoeding door hun ouders, school en
omgeving. Ze hebben nooit geleerd om hun troep in een afvalbak te gooien. Ze
vinden dat de gemeente het maar moet opruimen.
Een andere oorzaak is vuilstort, zoals vuilniszakken die opscheuren, waarna er van alles over de straat komt te liggen. De nieuwe regeling voor de ophaal van huisvuil, waarbij voedselresten voortaan bij het restafval gedaan moet worden, is een verslechtering. De grijze bakken raken overvol en het vuilnis komt op straat.
Ook de 6-wekelijkse ophaal van oud papier geeft
problemen. Het papier ligt los in dozen en als het waait komt het door heel de
buurt terecht.
De plaatsing van papiercontainers zou een oplossing zijn. Helaas is de Gemeente
niet bereid de wijze van papierophaal te verbeteren.
Klik hier voor voor het rapport aan de
Gemeente Afvalstoffendienst.
Is er wat aan te doen?
Het zou goed zijn als de buurtbewoners duidelijk kenbaar maken dat zij de troep
op straat beu zijn.
Je kan natuurlijk, als je iemand iets op straat ziet gooien, die persoon
daarover aanspreken. Maar die voelt zich dan aangevallen en dan kan je een
brutale bek verwachten. Een jongen die werd aangesproken over troep die
hij op straat gooide, reageerde met 'Maar het is hier toch de Hambaken...'. Een
vervuilde buurt spoort inderdaad niet aan tot goed gedrag. Een schone straat
blijft langer schoon.
Je kan ook laten zien dat je je aan het zwerfvuil ergert door het zelf eens op
te ruimen in plaats van er overheen te stappen. Dat lijkt misschien vreemd, maar
je voorbeeld zet wel aan tot denken en opvolging. Vroeger schrobde iedereen zijn
straatje schoon. Dat hoeft nu ook weer niet, maar het schoon houden van je
directe omgeving is niet raar en kost vaak niet meer dan een paar minuten per
keer. De BC verstrekt vuilgrijpers voor wie wil meehelpen.
De politie beboet burgers die blikjes, flesjes of
papiertjes op straat gooien. De boete bedraagt 75 euro. De milieupolitie moet
dan wel meer in de wijk komen, ook op zomerse avonden. Er zijn dan groepjes
mensen die gezellig met elkaar op straat eten en drinken en daarna 'vergeten' om
hun troep op te ruimen.
De Gemeente kan ook het nodige aan het zwerfvuilprobleem doen, zoals het plaatsen van afvalbakken op plaatsen waar veel zwerfvuil ligt. Die bakken moeten natuurlijk wel regelmatig geledigd worden.
Het telkens opnieuw onder de aandacht brengen van het zwerfvuilprobleem en schoonmaakacties, b.v. doormiddel van artikeltjes en foto's in b.v. de Nieuwbaken, kan bijdragen aan de bewustwording van het probleem en het verbeteren van het gedrag van de vervuilers.